Dennis Tump voor Nieuw-Balinge in actie tegen SC Espel
Voor Nieuw-Balinge is meedoen aan Protos Weering geen prestigestrijd. “Af en toe een wedstrijd winnen en goed tegenstand bieden is al heel mooi”, vindt Dennis Tump. De Nieuw Balinger is 33 jaar en mag bij de zaterdag-vijfdeklasser al tot de routiniers worden gerekend. Na uitstapjes bij VKW en Dalen is Tump sinds vorig seizoen aan zijn derde termijn bij Nieuw-Balinge bezig, de club die hij ondanks andere avonturen nooit losliet. “Als er bij de club iets moet gebeuren, dan staat iedereen er.”
Tekst: Merijn Slagter
Als je het hebt over een typische Drent, komt Tump misschien wel dicht in de buurt. Geen blad voor de mond, eerlijk, nuchter en niet te beroerd om de handen uit de mouwen te steken. Het zijn allemaal kenmerken die bij hem passen. Als hij z’n voetbalschoenen aantrekt, komen die eigenschappen ook weer van pas. “Ik ben alleen nooit een loopwonder geweest”, verklapt hij. Al heeft de Nieuw Balinger daar een goed excuus voor, want een chronische darmziekte beperkt hem op sommige momenten om alles te geven. “De ene week speel ik geweldig, de andere week kun je me na tien minuten opvegen. Vreselijk.”
Met twee seniorenteams, twee 7×7-teams en zes jeugdteams van WNBC’09 – de gezamenlijke jeugdafdeling van Nieuw-Balinge en Witteveense Boys’87 – behoren de Nieuw Balingers tot de kleinste voetbalverenigingen van Midden-Drenthe. Juist dan wordt elk succesje gevierd. “Zoals de promotie in 2017-2018”, herinnert Tump zich nog als de dag van gisteren. Zelf was hij dat jaar goed voor 45 competitiegoals. “Prachtig was dat”, glundert hij. Promotie naar de vierde klasse had vorig seizoen ook gekund, vindt de middenvelder. “Maar toen vergooiden we onze kansen op het eind, mede door ziekte, blessures en afwezige spelers. Ja, daar baalde ik van. De nacompetie was een leuk toetje geweest.”
Ja, Tump zegt hoe het is. Maar je kunt ook van hem op aan. Want ook in de seizoenen dat hij voor VKW en Dalen voetbalde, bleef hij zijn dorpsclub trouw op een andere manier. “Toen ik mijn enkelbanden had afgescheurd en niet kon voetballen, ging ik vaak even langs het voetbalveld om de jongens succes te wensen. Even ouwehoeren en dat teamgevoel terugkrijgen, heerlijk.” En toen hoofdtrainer Roeland Kwint geen assistent had, sprong Tump bij als teamleider. “Ik ben altijd in Nieuw-Balinge blijven wonen, dus dan hup je zo even langs”, zegt hij.
Voor Protos Weering heeft Tump een duidelijke wens, al is de uitkomst ervan nog niet bekend bij het ter perse gaan van dit magazine. “Tijdens de laatste drie edities speelden we in Hardenberg en Ommen. Dan zijn we al tien sporthallen voorbij als we daar zijn. Hopelijk voetballen we dit jaar dichter bij huis, anders gaat de lol er wel af.” Wat hij er sportief van hoopt? “Ik tape de enkels goed in, en dan hoop ik dat het goed gaat”, lacht Tump. “Als wij er vroeg uit liggen, gaat m’n support naar Dalen. Maar ik ben ook benieuwd naar Achilles 1894, waar Ramon Nijland keept, een vriend van me. Ik denk dat zij weleens ver kunnen komen.”